Ernst Sillem op 97-jarige leeftijd overleden

Ernst Sillem

 

Ernst Sillem overleden

 

Verzetsstrijder Ernst Sillem is op 97-jarige leeftijd overleden. Hij was de laatste Nederlandse overlevende van het concentratiekamp Natzweiler-Struthof in de Franse Elzas, in de Tweede Wereldoorlog bezet gebied.

In 1943 werd Ernst Sillem op transport gesteld naar Natzweiler-Struthof, dat werd aangewezen als Nacht und Nebel-kamp. Het doel van deze NN-kampen was om verzetsmensen te laten sterven na een lang en zwaar gevangenisregime. De familie zou nooit van het overlijden op de hoogte mogen worden gesteld. In dit kamp werden ruim 54.000 gevangenen vastgehouden, onder wie ongeveer 600 Nederlanders.

Vanwege de naderende bevrijding door de geallieerden werd Sillem in 1944 op transport gesteld naar Dachau. Na de bevrijding van dat kamp duurde het nog een maand voordat Nederland de politieke gevangenen repatrieerde.

Bron tekst: NOS nieuws.

 

 

Foto: Comite international de Dachau, Fred Geerling

 

Ernst Sillem 14/7/23 – 17/10/20

 

Op 14 juli 1923 wordt Ernst Sillem als oudste van 5 kinderen (waarvan 2 zusje) in Baarn geboren. Hij is sportief (hockey) en speelt graag toneel, school interesseert hem veel minder. Als 17-jarige scholier bekladt hij met steeds een ander handschrift op een nacht in januari 1941 de muren in de gangen van het Baarnsch Lyceum, met leuzen als ‘Weg met Hitler’ en ‘Duitsers moordenaars’. Politieonderzoek leverde niets op. Pas na de oorlog vertelt Ernst hoe de vork in de steel zat.
Hij studeert aan de Koloniale Landbouwschool in Deventer als hij samen met zijn vriend Jaap van Mesdag op 31 augustus 1942 probeert per vouwkano naar Engeland te varen. Vanaf het strand van Goeree-Overflakkee, gewapend met twee gevulde fietstassen, enkele benzineblikken en Mesdags trompet, beginnen zij aan de overtocht. Als het weer op zee verslechtert, dreigt de kano te zinken. Gelukkig zien zij in de verte schepen varen en blaast Mesdag op zijn trompet het SOS. Het blijken helaas Duitse ­patrouilleboten te zijn en beide schipbreukelingen worden gearresteerd.


Via de concentratiekampen Amersfoort en Vught komt Sillem in juni 1943 in het Nacht und Nebel concentratiekamp Natzweiler-Struthof terecht. Daar blijkt ook Van Mesdag te zijn. Sillem moet werken in de beruchte steengroeve, waaraan velen ten onder gaan. In september 1944, voordat de oprukkende geallieerde troepen Natzweiler bereiken, wordt het kamp door de Duitsers ontruimd en worden Sillem en Van Mesdag naar concentratiekamp Dachau getransporteerd. Sillem komt vervolgens terecht in buitenkamp Allach en wordt te werk gesteld bij de BMW fabriek. Als duidelijk wordt, dat hij NN-gevangene is, wordt hij in januari 1945 verplaatst naar Dachau. Op 29 april 1945 wordt hij samen met vriend Jaap van Mesdag bevrijd.
Na de oorlog vertrekt Sillem met zijn vrouw Claartje naar Marokko, waar hij in 1947 gaat werken bij een Citrus planter. Met financiële steun van familie en vrienden koopt hij een stuk land in de Sous-vallei en begint hij een eigen Citrus plantage, die uitgroeit tot een succesvolle onderneming. Daar worden hun 6 zonen geboren. Na de scheiding van Claartje, komt de Frans-Duitse Maria in zijn leven. Als de plantage in 1976 wordt genationaliseerd, vertrekt Sillem naar Frankrijk, waar hij in de Ardeche een konijnenfokkerij opzet voor consumptie. Als Maria na 16 jaar huwelijk overlijdt, is dat een volgende grote tegenslag in zijn leven. Enige tijd later ontmoet Sillem de Franse kunstenares Nicole met wie hij in het huwelijk treedt. Ze vestigen zich in de Provence waar Sillem een voedselbank opzet en zelf met een vrachtauto eten ophaalt bij de supermarkt. Na 15 jaar huwelijk overlijdt ook Nicole. Met een nieuwe leeftijdgenote leeft hij samen tot zij Alzheimer krijgt en hij haar niet langer kan verzorgen.
Sillem blijft tot op hoge leeftijd betrokken bij Natzweiler (voorzitter Vriendenkring Oud-Natzweilers) en Dachau en neemt regelmatig deel aan herdenkingsreizen. In Dachau heeft Sillem een “Zeitzeugen” gesprek gehouden in de Gedenkstätte Dachau. Men was zeer onder de indruk van het nuchtere verhaal over zijn leven in de kampen, vrij van haatdragendheid en op aimabele wijze verteld.
Het oorlogsverhaal van Sillem wordt ook beschreven in het boek, “Geen Nummers maar Namen”, dat is uitgegeven ter gelegenheid van de gelijkluidende tentoonstelling. Daarin wordt Sillem geïnterviewd door Sydney Weith, die als leerlinge van het Baarns Lyceum een werkstuk over hem maakte en hem daarna leert kennen als een vitale, positief ingesteld man. De Duitse versie van de tentoonstelling, “Namen statt Nummern”, is te zien geweest in het museum van de Gedenkstätte.
Ernst Sillem overleed op 17 oktober 2020 in Carpentras, Frankrijk.

Lees zijn verhaal opgetekend door Sydney Weith, hier op de website van het CID(engels)